Meer onderzoek naar werknemers kan grensoverschrijdend gedrag inperken
Bedrijven kunnen de risico’s op grensoverschrijdend gedrag inperken door beter onderzoek te doen naar (nieuw) personeel, vindt twee derde van de respondenten. Ruim vier op de vijf Nederlanders (82%) begrijpt dat bedrijven door de toegenomen aandacht voor grensoverschrijdend gedrag hun medewerkers nu extra screenen. De meeste ondervraagden (69%) vinden niet dat er door een screening inbreuk gemaakt wordt op hun privacy.
Hoewel maar liefst 88% van de Nederlanders het geen probleem vindt als een (toekomstig) werkgever onderzoek naar hen doet, en 86% er begrip voor heeft als bedrijven medewerkers die een promotie krijgen extra screenen, nam het aantal daadwerkelijk uitgevoerde screenings af in de eerste helft van 2024 ten opzichte van het voorgaande jaar. Dat heeft volgens 79% van de ondervraagden te maken met de krapte op de arbeidsmarkt.
Harm Voogt, Managing Director bij DISA, herkent dit. “Hoewel steeds meer Nederlandse werknemers en werkgevers het belang van screening inzien, hebben bedrijven simpelweg ook personeel nodig. Zeker in sectoren waar medewerkers bij gevoelige informatie kunnen, zoals financiële en zakelijke dienstverlening, en bij de overheid en het onderwijs, is dit een groot risico.”
Voogt: “Ongewenst gedrag bij een vorige werkgever kan via screening aan het licht komen. Door screening toe te voegen aan een sollicitatieprocedure vallen de rotte appels vaak vanzelf af. Iemand met iets op zijn kerfstok denkt wel twee keer na voordat hij of zij begint aan een sollicitatie met uitgebreide screening.”
Bedrijven kiezen voor de makkelijke weg bij conflicten op de werkvloer
Bedrijven kunnen niet alleen grondiger te werk gaan bij het aannemen van medewerkers, ook bij de afhandeling van ongewenste situaties op de werkvloer kiezen ze vaak voor de makkelijke weg. Johan Klokman, consultant bij Hoffmann, legt uit dat dit vaak een economische keuze is. “Wij zien dat werkgevers afzien van het onderzoeken van grensoverschrijdend gedrag om de verkeerde reden: de kosten van het onderzoek.”
“Veel organisaties kiezen eerder voor een zogeheten vaststellingsovereenkomst in plaats van voor het uitvoeren van een onderzoek: een contract waarin twee of meer partijen bindende afspraken maken voor het oplossen of voorkomen van een geschil.”
Geen onderzoek werkt herhaling in de hand
“In de gevallen waarbij geen onderzoek wordt uitgevoerd komt niet vast te staan wat er daadwerkelijk gebeurd is. Op die manier kan herhaling van ongewenst gedrag in de organisatie óf nieuwe organisatie plaatsvinden. In die gevallen is er vervolgens in de ogen van deze werkgevers geen reden om maatregelen te treffen: de persoon die het gedrag vertoonde is immers vertrokken. Dat is dan weer niet bemoedigend is voor de meldingsbereidheid in de toekomst,” aldus Klokman.